De elektriseermachine van Wimshurst

Blog door junior conservator wetenschap Moed de Vries

Het Museum van den Arbeid werd in 1923 geopend te Amsterdam, het werd in 1953 het Nederlands Instituut voor Nijverheid en Techniek, om in 1997 te worden opgenomen in het huidige Nemo. Weinig mensen zullen zich het Museum van den Arbeid nog herinneren, maar het leeft voort in een van de verhalen van W.F. Hermans: de Elektriseermachine van Wimshurst. Het verhaal werd gepubliceerd in zijn boek Een wonderkind of een total loss (1967)

In dit verhaal heeft de machine de jonge (semi-autobiografische) Richard betoverd: “Een mooiere machinerie dan de Elektriseermachine van Wimshurst is mij nog niet onder ogen gekomen.” Richard groeit net als Hermans op in Oud-West, op de Eerste Helmersstraat. En heeft hij net als Hermans een onstilbare interesse in de natuurwetenschappen (Hermans promoveerde in de fysische geografie). In Richards leven was er aanvankelijk slechts één elektriseermachine die hij in het ‘echt’ kon bekijken. Deze stond te lonken in een winkelruit op een route van de gebruikelijke gezinswandeling. Als een kluwen van nikkelbolletjes en zilverpapier omschrijft Hermans de wonderlijke machine. Later pas ontdekte Richard het Museum van den Arbeid. Hier stonden verscheidene elektriseermachines, die helaas niet werkte omdat ze te stoffig waren.

Richards leven wordt als meelijwekkend beschreven, alles gaat mis en hij heeft weinig aansluiting op school. Maar zijn bewijsdrang is groot. De elektriseermachine personifieert de ‘slimheid’ die Richard in zijn omgeving (tot zijn grote frustratie) mist. Uiteindelijk vindt hij op de zolder van zijn basisschool een exemplaar, die hij goed droogt en demonstreert aan zijn klas. Een triomf: “Maar ik, ik sta daar als zendeling van Huygens, Boerhaave, Edison en Einstein, als profeet van de enige menselijke bezigheid die hem in staat stelt zijn leven tastbaar te veranderen! Dringt dit nu eindelijk door de dikke korsten opgedroogde havermout waarin hun hersens zijn gepantserd?” Helaas valt Richard niet het ontzag ten deel waar hij zo vurig op hoopte. Na zijn meesterproef wordt de stofkwast van hem afgepakt waarmee hij de machine heeft voorbereid en moet hij zijn klasgenootjes oneerbiedig achterna rennen om die terug te krijgen.

James Wimshurst (1832 – 1903) was een Engelse uitvinder en schipbouwer. Hij bouwt ongeveer een eeuw nadat in Teylers Museum de Grote Elektriseermachine werd geïnstalleerd een elektriseermachine die tot op de dag van vandaag populair is om elektrostatische demonstraties mee te doen. Het basisprincipe is ongeveer gelijk: lading bouwt op en ontlaadt dan met een vonk tussen twee bollen. Tada! Elektriciteit. De vonk, de fysieke manifestatie van een abstract principe, blijft verwonderen. Maar ook de machinerie die deze vonk fabriceert is ontzagwekkend.

Machines die zoveel spanning opwekken, moeten natuurlijk door iedereen bekeken kunnen worden. Dat kan helaas niet meer in het Museum van den Arbeid, maar wel in Teylers Museum waar allerlei elektriseermachines staan, waaronder die van Wimshurst. Als hoogtepunt staat er een werkende replica van de Grote Elektriseermachine uit 1784. Hier slaat de vonk nog regelmatig over.

Moed de Vries werkt sinds 2020 als junior conservator wetenschap in Teylers Museum. Deze blog werd geschreven op 13 september 2021.