De strijd om het Dodobotje

Blog door hoofd collectiebeheer Herman Voogd

Schrijver, televisieprogrammamaker en verzamelaar, Boudewijn Büch stief onverwacht op, bijna, 54 jarige leeftijd in 2002. Drie dagen daarvoor was hij nog te zien als vaste gast bij het televisieprogramma Barend & Van Dorp. Al snel werd duidelijk dat er geen testament was en dat zijn indrukwekkende collectie geveild zou worden. Uit de kringen rond het genoemde praatprogramma o.a. cabaretier en Büchfan Diederik van Vleuten kwamen geluiden dat het jammer zou zijn dat de gehele Büch collectie uit elkaar zou vallen. Uiteindelijk werd besloten dat een deel van de verzameling naar Teylers Museum zou gaan. De overheid kent een bijzondere regeling dat als een kunstwerk of verzameling voldoende van belang is voor de “collectie Nederland” dat dan de successierechten, die de erfgenamen verschuldigd zijn, verrekend mogen worden met de waarde van de kunst, in dit geval de waarde van de objecten die in het bezit van Teylers Museum kwamen. De commissie in Den Haag oordeelde dat de verzameling van zodanig belang was dat de familie de successie met kunst mocht betalen. In ruil daarvoor kreeg Teyler het bezit en het eigendom ging naar de Staat.

Maar voordat dit zover was moest er door het museum een keuze uit de verzameling worden gemaakt. Dit had opeens nogal haast omdat de veilingdata al vast lagen. Dus togen conservator Bert Sliggers en uw blogger, toen nog hoofd bedrijfsvoering Herman Voogd van het museum naar Amsterdam, naar de Keizersgracht 149. Aanwezig waren verder de executeur-testamentair en twee vertegenwoordigers van het veilinghuis Sotheby's. Het hele huis stond helemaal propvol met objekten, voornamelijk boeken maar ook beeldjes, globes, doosjes en kastjes, een zebrahuid en schilderijen. Büch had een gaanderij laten bouwen met boekenkasten zoals dat in Teylers, in de opkamer van de bibliotheek, ook aanwezig is. Het verhaal gaat dat Büch een boek opnieuw kocht omdat hij de oorspronkelijke aanschaf niet meer kon vinden.

Conservator Bert Sliggers ging gewapend met een geel post-it-boekje als een razende aan de slag. Als het interessant werd bevonden werd er een gele kleefnotitie op geplakt. Allrounder Sliggers die al veel tentoonstellingen had gemaakt over uiteenlopende onderwerpen en ook de Teylers bibliotheek goed kende kwam uiteindelijk tot een mooie afgewogen keuze. Niet alleen de boekjes over de vroege Nederlandse expedities naar de Oost (o.a. van Spilbergen, Bontekoe en van Neck), de litho’s van Andy Warhol en Goethe’s Farbenlehre maar ook kitsch beeldjes van dezelfde Goethe, Napoleon en Sissy. Maar ook een manuscript, postzegels met Elvis en Bill Haley, opgezette vlinders, een doosje met mineralen, haarwerkjes enz. enz. In totaal 50 boektitels, 5 kunstvoorwerpen, 17 penningen en 110 overige objecten.

De gezichten van de Sotheby’s medewerkers gingen steeds somberder staan. Toen Bert ook nog koos voor het beroemde Dodobotje werd het de veilingmeester teveel. Hij protesteerde op hoge toon bij de onverstoorbare executeur-testamentair dat dit toch niet kon en dat de hele publiciteitscampagne van het veilinghuis op dat beroemde botje was gebaseerd! “Daarvoor moet u bij het museum zijn”, zo antwoorde de executeur en wees naar mij. Ik heb toen geantwoord dat het me speet maar dat we daar geen rekening mee konden houden. Dat ik, om de zaak te verzachten, ook nog meldde dat het geen dodo- maar een schildpadbotje was kwam de sfeer niet echt ten goede.

Tegenwoordig bij rondleidingen in de opkamer van de bibliotheek waar het kastje met daarin een deel van de Büchcollectie komt dit verhaal en dat Büch indertijd dacht dat hij een dodobotje kreeg maar wat later een schildpadbot bleek, altijd aan bod.

Herman Voogd werkt sinds 1992 bij Teylers Museum. Hij is hoofd collectiebeheer van de wetenschappelijke collecties. Dit blog werd geschreven op 10 december 2020. 

Tijdens een online rondleiding vertelde Herman meer over het kastje en de collectie, bekijk het hier!