Sneeuw!

Blog door hoofd collectiebeheer Herman Voogd

Nu de eerste sneeuw weer gevallen is kan de echte winterliefhebber genieten bij Jan Engelmans Verhandeling over de sneeuwfiguren (Utrecht 1771).

De Haarlemse arts en natuurwetenschapper Jan Engelman (1710-1782) zocht naar wetmatigheden in natuurlijke verschijnselen. In deze wetmatigheden –bijvoorbeeld de gelijkvormige sneeuwkristallen- zag hij het bewijs van de schoonheid en perfectie van Gods schepping. Deze stroming binnen de natuurwetenschap, waarbij wetenschappelijk onderzoek gebruikt wordt als godsbewijs, heet fysico-theologie.

In Haarlem werd de fysico-theologie in de vroege 18de eeuw beoefend door de leden van het Natuurkundig College, één van de toonaangevende geleerde genootschappen in de stad. Jan Engelman was een prominent lid van het College. In zijn Sneeuwfiguren combineert hij exacte natuurwetenschappelijke waarnemingen (hij onderscheidt meer dan 420 soorten sneeuwkristallen) met bespiegelingen over “een oneindig Wys, Magtig en Goedertieren Wezen” dat de bron is van alle natuurverschijnselen.

De overeenkomsten tussen Engelman en Teylers eerste museumdirecteur Martinus van Marum (1750-1837) zijn opmerkelijk: beiden waren als arts werkzaam in Haarlem en hadden voornamelijk belangstelling voor praktisch toepasbaar natuurwetenschappelijk onderzoek.

Engelman deed onderzoek naar verstikking bij (bijna) verdronkenen (Verhandelingen Hollandse Maatschappij IV); Van Marum ontwierp een beademingsapparaat voor drenkelingen en publiceerde over ‘verstikkende uitdampingen’, ventilatie & luchtzuivering (Verhandelingen van het Bataafsch Genootschap VIII ). Engelman deed proeven om “den aart der werkinge van de elektriciteit” in kaart te brengen; Van Marum deed in Teylers Ovale Zaal zijn beroemde proefnemingen met de grote elektriseermachine.

Van Marum moet het werk van zijn oudere plaatsgenoot, met wie hij zoveel interesses deelde, ongetwijfeld gekend hebben. Engelmans Sneeuwkristallen was echter niet alleen geliefd bij natuurwetenschappers. Ook bij kunstenaars was het werk gezocht. De fraaie gravures boden hen een staalkaart aan natuurlijke motieven. De herkomst van het exemplaar in de bibliotheek van Teylers Museum is hiervan een mooie illustratie. Op de titelpagina prijkt het eigendomsmerk van ‘G. Emaus de Micault’. Dit is waarschijnlijk de tekenaar en etser Gerardus Emaus de Micault (1798-1863), vooral bekend om zijn paardenstudies en soldatentaferelen. Teylers Museum heeft 61 etsen van De Micault in de collectie. Waaronder deze hazewindhond uit 1819:



En zo voert een speurtocht langs sneeuwkristallen, twee Haarlemse artsen en de fysico-theologie terug naar de rijke kunstcollectie van Teylers Museum…


Herman Voogd werkt sinds 1992 bij Teylers Museum. Hij is hoofd collectiebeheer van de wetenschappelijke collecties. 
Dit blog werd geschreven op 10 februari 2021, met dank aan Geert-Jan Janse.