Gewei van een hert


Dit hert lijkt op het tegenwoordige edelhert, maar is net wat groter. Het gewei is een stanggewei dat uit één stang bestaat met bijna loodrecht daarop vier of vijf zijtakken. Het hert is uitgestorven en is in Nederland bekend uit het Vroeg Pleistoceen. De meeste fossiele resten komen uit de klei van het Noord-Limburgse Tegelen. Dit is het enige complete exemplaar dat in Tegelen gevonden werd. Teylers Museum bewaart een van de meest uitgebreide collecties Tegelenfossielen, die er op wijzen dat er toen sprake was van een subtropisch klimaat. Daar op wijzen onder andere de vondsten van nijlpaarden, apen, panters, hyaena’s, zebra’s en olifanten. Veel van deze fossielen werden opgekocht door de toenmalige conservator Eugene Dubois (1858-1940), die in deze klei ook fossielen van mensachtigen hoopte te vinden. Dit naar aanleiding van zijn vondst op Java van Pithecanthropus erectus, oftewel de rechtopstaande aapmens. Omdat de kleiafzettingen in Nederland van een zelfde ouderdom waren, was zijn dreefveer ook in Tegelen mensachtige resten te vinden. Later zou blijken dat de moerasachtige omgeving in een rivierdelta menselijke bewoning onmogelijk maakte!