Alleen in het atelier: J.W. Millais

Blog door papierrestaurator Nadia Kersten-Pampiglione

Deze tekening heeft het museum op de Tefaf International Art Fair in Maastricht in 2018 kunnen kopen. Boslandschap met staand hert door J.W Millais getekend rond 1865 (KT 2018 030). Geduldig heeft de tekening gewacht op mijn aandacht in de la “aanwinsten te behandelen”.

Een prachtig en bijzonder landschap getekend met aquarelverf getekend. Voor mij als restaurator was het weer een heerlijke uitdaging.
De tekening was al uit de oorspronkelijke lijst genomen. Zoals u ziet heeft de tekening een prachtig goudkleurig passe-partout. Het passe-partout geeft een warme uitstraling aan de tekening en harmoniseert met de kleuren. Maar er zit een adertje onder het gras, het passe-partout is op de tekening zelf vastgeplakt. “Zou het mogelijk zijn om de hele tekening zichtbaar te maken?” vroeg de conservator. Natuurlijk, dacht ik want nu heb ik de stilte en rust om deze tekening geconcentreerd te behandelen. Geen drukte van tentoonstellingen. 

Waarom is er een passe-partout om deze tekening? Een passe-partout is nodig om een afstand te creëren tussen het glas en de tekening. Als er geen afstand is tussen het glas en de tekening kan het papier tegen het glas vastplakken in ongunstige klimaatsituaties. Het papier gaat “werken” (dus gaat vervormen) en er is een kans dat de tekening krom gaat trekken in bijvoorbeeld een vochtige omgeving. Dit gebeurt vooral als de tekening in een ruimte hangt waar het klimaat schommelt, zoals boven een radiator of op een zonnige muur. Wanneer het papier tegen het glas komt, kan er op dit contactpunt condensvorming plaats vinden, waardoor zich lelijke vlekken en vocht kringen kunnen vormen, of de bruine vlekken die bekend zijn als foxing. 
Dat willen we niet dus daarom zetten we altijd een object in een passe-partout als het ingelijst moet zijn of geëxposeerd moet worden.

Voor dat er begonnen wordt met de behandeling moeten objecten zorgvuldig nagekeken worden, een restauratie voorstel gemaakt, testen uitgevoerd en ook veel foto’s gemaakt worden.

Hier is de achterkant van de tekening die bekleed is met linnen net zoals een schilderij.

 


Het passe-partout is geplakt op de voorkant van de tekening, en dan echt op de tekening zelf, niet alleen langs de randen. Ik heb besloten om het karton te splitsen waardoor het karton wordt steeds dunner en daardoor is het makkelijke te verwijderen. De binnen kant van het karton is wit en de kant tegen de tekening is bruinig. Ik heb veel papier weggesneden of weg gekrabd met een scherp mes. Om het laatste laagje karton weg te halen is er een lijm poultice (een dikke laag lijm) op het karton geplaatst om het karton zacht te maken waardoor het makkelijke verwijderd kan worden.

 

Een verrassing: onder het papier passe-partout kwam er een heel leuke ontdekking tevoorschijn. De kunstenaar had alle verschillende kleuren aquarelverf uitgeprobeerd langs de randen van het papier om bij de juist kleur combinatie te komen.

Onder het passe-partout was er een dikke laag lijm op de aquarel kleuren. Hier kan je zien hoe de lijm de kleuren beïnvloedt. Links met nog een lijm laag en rechts is de lijm laag al verwijderd.

Het gouden passe-partout heeft ook de kleuren beschermd tegen daglicht, dat is te zien bij de ronde boogvorming van het passe-partout rechts in de bovenhoek. Door zonlicht op de tekening te laten schijnen is de kleur anders geworden. Geel en blauw maken groen. De gele kleur is een beetje verdwenen waardoor de blauw kleur sterker lijkt te zijn.

Ook langs de zijkanten zijn de kleurverschillen duidelijk te zien.

Ik ben op dit moment nog bezig met de tekening, het moet nog gevlakt worden en opgezet worden. Het zal ook een passe-partout krijgen en na de restauratie wordt de tekening opgeborgen in een zuurvrij kartonnen doos.

Papierrestaurator Nadia Kersten-Pampiglione werkt sinds 1988 bij Teylers Museum. Ze schreef dit blog op 20 mei 2020.